Memorabele Eurovisie Songs

Iedere zaterdag, tussen 15:00 en 17:00, wordt in het radioprogramma Prime Time van Omroep Venray aandacht besteed aan een oud Eurovisie Songfestivalliedje. De keuze van het liedje wordt verzorgd door Marion Minten, medewerkster van Omroep Venray én stichting Eurovision Artists. Frequent schrijft Marion een achtergrondverhaal bij één van de gekozen Eurovisieliedjes, welke op deze website terug te vinden is onder het kopje "Memorabele Eurovisie Songs". Lees hier het meest recente verhaal of ga terug in de tijd en lees de verhalen van vorige uitverkoren liedjes.
Frankrijk 1992: Kali, Monté la riviè (8e)

Wanneer men een grootvader heeft gehad die voorzitter was van de raad dan is het moeilijk om niet besmet te worden door het politieke virus. En zo was het niet anders met Kali, kleinzoon van oud raadsvoorzitter Gaston Monnerville. Zijn liedjes zijn zelden onschuldig en klagen vaak de ambiguïteit van de Franse overzeese Departementen aan.

Kali werd als Jean-Marc Monnerville geboren in Fort-de-France op Martinique op 21 februari 1956. Zijn moeder was schrijfster en onderwijzeres, zijn vader was lid van de African band in Parijs. Hij was nog een kind toen hij voor de naam Kali koos, geïnspireerd door het stripfiguur Calimero, het zwarte kuikentje. In het begin van de jaren zeventig stuurde zijn vader hem naar het Franse vasteland om er muziek te gaan studeren. Slagwerk boeide hem. Hij maakte deel uit van enkele groepjes, voordat hij zijn eigen groep oprichtte, toen hij negentien was. De groep had de naam “Gaoule”, verwijzend naar de slachting van slaven op de Antillen in de zeventiende eeuw. Vanaf 1979 laat hij, sterk geïnspireerd door de Rastafari filosofie, zijn dreadlocks groeien en richtte hij een tweede groep op, Le 6ième continent (zesde werelddeel) waardoor hij een beetje bekendheid kreeg. Zijn muziek is dan een mengsel van reggae en Antilliaanse wijsjes. Één van de hits van de groep is “Adieu foulards” en wordt een echte hymne voor de jeugd op het eiland. De titel van het lied wordt later veranderd in "Reggae dom-tom". Het lied handelt over de identiteitsproblemen van het Franse departement tegenover het Franse vasteland.

Ook in die tijd begon Kali de banjo te gebruiken, wat tot op heden typisch is voor al zijn muziek. In juni 1983 vervangt Le 6ième continent op het laatste nippertje FEMI, een groep uit Nigeria, op een feest dat elk jaar op 21 juni plaatsvindt in Parijs op het Trocaderoplein (gelegen aan de Eiffeltoren). Hierdoor werd de muziek uit de Antillen een beetje bekend in Frankrijk. Ondanks het succes ontstaat er onenigheid tussen leden van de groep. Wanneer platenfirma CBS (nu SONY Music) de groep vraagt om hun muziek te moderniseren en van uiterlijk te veranderen, besluit Kali de groep te ontbinden.

In 1987 ging Kali terug naar zijn geboortestad en verkent er muzikale wegen die helemaal indruisen tegen de zoukmuziek die op dat moment furore maakt op het eiland. Hij was altijd al gefascineerd door de traditionele Antilliaanse muziek en zijn ambassadeurs zoals Eugène Mona, Loulou Boislaville en vooral Alexandre Stellio, klarinettist en een legendarisch vooroorlogs componist. Kali gaf er in zijn albums een nieuwe draai aan, albums zoals “Racines I” in 1989 en “ Racines II” in 1990. Kali componeert originele muziek met de banjo, akoestische piano, slagwerk en een beetje met een synthesizer.

Kali, inmiddels woonachtig in St. Pierre op het eiland Martinique, ging even terug naar Parijs voor een tournee en bracht er een live album uit van een concert in de kleine zaal New Morning in Parijs. Maar het is vooral in 1992 dat er veel over hem gesproken werd vanwege zijn deelname aan het zevenendertigste Eurovisie Songfestival, dat op 9 mei in de Zweedse stad Mälmo werd gehouden. Na zangeres Amina, van Frans-Tunesische afkomst, koos Frankrijk voor een zanger uit Martinique om het land te vertegenwoordigen. Met het lied “Monté la rivié” werd Kali achtste met 73 punten. Het lied “Monté la rivié” is terug te vinden op zijn album “Roots” uit 1992. Kali werd door zijn deelname aan het Eurovisie Songfestival bij het grote publiek bekend.

In 1993 bracht hij het lied “Ile à vendre” (Eiland te koop) uit dat later op het album “Lese la te tounen” (Laat de aarde draaien) terecht kwam. Dit album is meer politiek geëngageerd en heeft een moderne klank maar critici zeggen dat het een beetje punch mist. Dit matige succes verhinderd niet dat Kali in 1994 bekroont wordt door Sacem, de Frans auteursrechtenorganisatie, voor het beste lied in de categorie Antillen met het nummer “Pan patchew”.

In 1995 laat Kali de versterkers voor wat ze zijn en brengt een geheel akoestisch album uit, “Débranché”. Hierop staan ook nieuwe bewerkingen van een aantal succesnummers van Le 6ième continent, waaronder het beroemde “Reggae dom-tom”.

Kali was in januari 1996 aanwezig op het Midem en gaf op 22 februari van dat jaar een optreden in de kleine Parijse zaal Hot Brass. Daarna toerde hij op Réunion, van 1 tot 10 maart. Deze tournee stond in het teken zijn album "L'histoire du Zouk" dat in dat jaar uitkwam. In de herfst werd Kali uitgenodigd om in Zimbabwe de honderdste verjaardag te vieren van de eerste anti koloniale actie’s. Deze ontmoeting tussen de Afrikaanse en Antilliaanse cultuur werd voor Kali en zijn muzikanten een groot succes. Hij is van rastacultuur en hij voelt zich geen vreemdeling in het land dat Bob Marley als gast had in 1980, het jaar van de onafhankelijkheid.

Bij zijn terugkomst in Parijs gaf hij een op 19 oktober 1996 concert ter ere van Léopold Sedar Senghor, een grote politicus en intellectueel uit Senegal. Dit concert was voor de Unesco de veiligheidsorganisatie van de Verenigde Naties die op 16 november 1945 werd opgericht. Kali besloot het jaar 1996 met een kerstalbum: "Racines III" (wortels) .Kali is iemand die voortdurend van het ene project naar het andere gaat en in juni 1997 bracht hij “La biguine des enfants du bon dieu” uit. Dit album met slechts drie nummers krijgt de Prix Sacem Martinique voor het beste lied.

Kali voelt zich nauw betrokken bij de geschiedenis van zijn land en volk. Het was dan ook vanzelfsprekend dat hij aanwezig was op het de feestelijkheden omtrent de honderdste verjaardag van de afschaffing van de slavernij, welke in 1998 plaatsvonden. Het was ook het jaar van zijn nieuwe album "Franc-ô-faunes", dat uitkwam op 2 december. Met dit album werd eigenlijk de twintigjarige muzikale loopbaan van deze zanger gevierd. Het eerste nummer van dit album was een hommage aan Bob Marley, "Brother Bob". Kali vond dit eerbetoon aan de Jamaicaan normaal omdat hij een nieuwe weg opende in de jaren 70 voor vele nieuwe artiesten uit de Caraïben. In samenwerking met RFI reist Kali even naar Parijs voor een concert op 6 februari 1999 in de New Morning.

Twee jaar later bracht Kali het vierde deel van zijn "Racines" reeks uit, daarop staan composities van Stello, Leona Gabriel en Eugène Mona. Op deze manier knoopt hij weer aan bij de traditionele muziek van de Antillen waarmee hij sinds 1989 bezig was geweest. Kali is inmiddels wat ouder en rustiger geworden. Zijn grote zorg als artiest is in tijden van globalisering en overconsumptie zijn oorsprong trouw te blijven. Hij wil graag zijn cultuur overbrengen, daarom treedt hij op in scholen op Martinique om zijn notie van identiteit door te geven aan de nieuwe generatie.


Lees ook de andere afleveringen van de rubriek "Memorabele Eurovisie Songs":
Zwitserland 1963: Esther Ofarim, T'en va pas (2e)
Luxemburg 1978: Baccara, Parlez-vous français? (7e)
Zweden 1974: ABBA, Waterloo (1e)
Nederland 1980: Maggie MacNeal, Amsterdam (5e)
Verenigd Koninkrijk 1971: Clodagh Rodgers, Jack in the box (4e)
Denemarken 2000: Olsen Brothers, Fly on the wings of love (1e)
Nederland 1972: Sandra & Andres, Als het om de liefde gaat (4e)
Duitsland 1973: Gitte, Junger Tag (8e)
Zwitserland 1969: Paola Del Medico, Bonjour, bonjour (5e)
Italië 1964: Gigliola Cinquetti, Non ho l'età (1e)
Zwitserland 1976: Peter, Sue & Marc, Djambo, Djambo (4e)
Nederland 1984: Maribelle, Ik hou van jou (13e)
Portugal 1991: Dulce, Lusitana paixão (8e)
Frankrijk 1991: Amina, C'est le dernier qui a parlé qui a raison (2e)
Duitsland 1984: Mary Roos, Aufrecht geh'n (13e)
Duitsland 1975: Joy Fleming, Ein Lied kann eine Brücke sein (17e)
Luxemburg 1972: Vicky Leandros, Après toi (1e)
Verenigd Koninkrijk 1974: Olivia Newton-John, Long live love (4e)
Verenigd Koninkrijk 1964: Matt Monro, I love the little things (2e)
Nederland 1968: Ronnie Tober, Morgen (16e)
Ierland 1980: Johnny Logan, What's another year (1e)
Duitsland 1956: Freddy Quinn, So geht das jede Nacht (?)
Duitsland 1982: Nicole, Ein bißchen Frieden (1e)
Verenigd Koninkrijk 1977: Lynsey de Paul & Mike Moran, Rock bottom (2e)
Zwitserland 1956: Lys Assia, Refrain (1e)
Duitsland 1962: Conny Froboess, Zwei kleine Italiener (6e)
Een achtergrondverhaal in de rubriek "Memorabele Eurovisie Songs" wordt op een gegeven moment in de tijd geschreven met de op dat moment bekende gegevens omtrent de betrokken artiest(en) en diens loopba(a)n(en). In tegenstelling tot andere historische gegevens op deze website worden deze verhalen later niet geactualiseerd, houd daar rekening mee bij het lezen.